Een paar anonieme meldingen waren genoeg om de politie op 1 september 2023 naar het huis van Anita R. in Apeldoorn te sturen. Wat agenten daar aantroffen, was niet bepaald een vergeten jointje onder in een la. In de woning en de schuur lagen duizenden voorgedraaide joints en allerlei andere cannabisproducten. Volgens de berichtgeving ging het om voorraad voor coffeeshop ’t Bunkertje. En daarmee belandde Anita in een verhaal dat iedere Nederlandse coffeeshophouder maar al te goed kent: wiet verkopen mag onder voorwaarden, maar waar die wiet vandaan komt, blijft een probleem.
In Nederland mag een coffeeshop maximaal 500 gram handelsvoorraad in de zaak hebben. Klinkt overzichtelijk, totdat je bedenkt dat sommige winkels op een drukke dag heel wat meer verkopen. Er moet dus ergens nieuwe voorraad vandaan komen. Alleen is die aanvoer buiten het gereguleerde wietexperiment nog altijd illegaal. Voorraad bewaren op een andere plek lost dat probleem juridisch niet op. Het verplaatst hooguit de wiet. En soms ook de ellende, zoals Anita inmiddels heeft ondervonden.
De zaak kreeg eind oktober 2026 opnieuw aandacht door de rechtszaak tegen de inmiddels 57-jarige vrouw. Haar advocaat wijst daarbij nadrukkelijk naar de overheid. Volgens de verdediging is het probleem ontstaan door een systeem waarin coffeeshops wel mogen verkopen, maar niet op een normale legale manier kunnen worden bevoorraad. Dat is een argument, geen vrijbrief. De rechter moet beoordelen wat Anita precies kan worden verweten en wat de wet in haar geval betekent. Over een definitieve uitkomst is vooralsnog geen betrouwbare bevestiging beschikbaar.
Ondertussen blijft die Nederlandse achterdeur een merkwaardig verhaal. Aan de voorkant koop je een zakje wiet in een winkel die door de gemeente wordt gedoogd. Aan de achterkant kan dezelfde voorraad ineens reden zijn voor een strafzaak. ’t Bunkertje heeft bovendien al langer problemen met de gemeente over onder meer voorraad en naleving van de regels. Voor Anita draait het nu om haar eigen rol en verantwoordelijkheid. Maar de grotere vraag blijft gewoon op tafel liggen: hoelang kun je een bedrijf laten verkopen zonder de bevoorrading fatsoenlijk te regelen?





